
















 |
Op
2 september werd Kolonel Piron op het hoofdkwartier van het XXXe Korps te
Beaumetz-les-Loges ten zuidwesten van Arras ontboden. Hij liet zijn
voorthollende Groepering achter en meldde zich bij General Horrocks, die
hem laconisch zei :
"Morgenavond wil ik Brussel binnentrekken. Onze tanks zullen de weg
banen en u zult ons volgen en elke weerstand opruimen die we onderweg
zouden tegenkomen".
Als in een droom begon de opmars naar Belgïe met de Gardedivisie. De
troepen hadden al twee dagen geen rust gehad, er waren geen wegkaarten
beschikbaar, er was nog weinig voedsel en de brandstof was bijna op… en
toch voelde elkeen zijn krachten terugvloeien : zij gingen naar huis ! En
niet één voertuig moest wegens defect achtergelaten worden! Wel vielen
er een paar droog.Te
16.36 U op de 3e september stak de commando wagen van Kolonel Piron de
Belgische grens over te Rongy ten zuiden van Doornik. Brigadier-generaal
Stanier van de 231e Britse Brigade drukte hem de hand en zei :
"Ik ben gelukkig en fier u te mogen begroeten uit naam van het Britse
leger het ogenblik dat Belgische troepen hun land terug
binnentrekken".
De Groepering rukte verder op in het zog van de tanks van de Garde,
voorbij Ath en bereikte bij het vallen van de duisternis Enghien,
nauwelijks 30 km van Brussel. Op dat ogenblik ratelden de eerste
voorhoede-tanks van de Welsh Guards het centrum van Brussel binnen onder
een fantastisch onthaal van de dankbare Belgen.
De 4e's morgens nam Kolonel Piron contact met de Burgemeester van Brussel
om de aankomst van de Belgische Strijdkrachten in hun hoofdstad aan te
kondigen.
En te 15u opende General Adair met een tankeskadron van de Garde de
intrede in de stad van Kolonel Piron en zijn Groepering, zegevierend na 4
lange jaren.
De begroeting door een uitzinnige bevolking werd een onvergetelijke
ervaring voor alle aanwezigen.
De
mannen van wie de familie in een bevrijd deel van het land woonde kregen
één of twee dagen uitzonderlijk verlof.
Gezien de snelle opmars doorheen het centrum van het land was dit lang
niet voor iedereen het geval. De Groepering voerde enkele opruimingsacties
rond Brussel uit.
Op de 8e werd Veldmaarschalk Montgomery op het stadhuis ontvangen en hij
reikte onderscheidingen uit aan verscheidene officieren en manschappen
voor hun dapperheid in Normandïe. Ook gaf hij Kolonel Piron, die vreesde
dat zijn Groepering zou achtergelaten worden en verder gebruikt voor
onbelangrijke bewakingsopdrachten, de verzekering dat de Groepering in
toekomstige operaties zou ingezet worden.
Op de 11e september verliet de Belgische Groepering Brussel en kwam onder
het bevel van de 8e Britse Pantserbrigade, met de opdracht op te rukken
naar de streek van Leopoldsburg--Heppen. Vroeg in de namiddag werd het
Albertkanaal overgestoken te Beringen in het bruggenhoofd dat door de
Nederlandse Prinses Irene-Brigade werd bezet. Te 17.00 werd Leopoldsburg
bereikt en werd een kamp met 900 politieke gevangenen bevrijd.
Tussen de 12e en de 17e trok de Groepering traag op naar het noordoosten.
De Groepering-artillerie gaf sten aan een aanval van de Gardedivisie in de
streek van Neerpelt. Dan werd de Groepering overgeheveld naar het VIIIe
Korps.
Op de 18e kwamen nieuwe bevelen toe :
"Een grote operatie is in voorbereiding. Het XXXe Korps zal oprukken
in de richting van de Zuiderzee met de steun van verscheidene
luchtlandingsdivisies, terwijl de Amerikanen in de richting van Keulen
zullen vorderen. Het VIIIe Korps zal zich tussenin opstellen en
geleidelijk optrekken naar de Maas. De Belgische Brigade zal de streek
tussen Peer en Bree bezetten. Het Pantsereskadron zal de verkenning naar
het Kempisch Kanaal toe beschermen".
Op de 20e veroverde de Groepering Kaulille, Bocholt en Bree en veegde de
zuidoever van het kanaalschoon.
Op de 22e zond de 2e Eenheid een gemotoriseerde patrouille uit, die te
18.35 Maaseik, 16 km oostwaarts bereikte. Een patrouille van de 1ste
Eenheid bereikte het Zuid-Willemskanaal.
Op de 23e maakte de 2e Eenheid contact met de Amerikanen te Maaseik.
De 24e kreeg de Groepering het bevel op te rukken naar het
Zuid-Willemskanaal waar het uitmondt in de Maas. De genie bouwde een brug
te Bree. |